Confianza
E-magazine

Veelgesltelde vragen coronacrisis

Eruit halen wat erin zit.

01Voorwoord

02NOW

03TOGS

04Tozo

05Uitstel van betaling

01Voorwoord

De steunmaatregelen van de overheid om de coronacrisis in te dammen, roepen voor de mkb-ondernemer nogal wat vragen op. De meest gestelde vragen over onder meer de Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid (NOW), de Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren (TOGS) en de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo) hebben we in deze speciale Corona-editie van ons e-magazine voor je samengevat.

NOW
Wat is de positie van zorgverleners bij de aanmeldingsprocedure van de NOW? Worden debiteurenverliezen van de omzet afgetrokken? En wat zijn de gevolgen bij een rechtsvormwijziging?

TOGS en Tozo
Heb je recht op TOGS met meerdere ondernemingen? Is er al meer duidelijkheid over de voorwaarde van een fysieke inrichting buiten de eigen woning? Hoe zit het met de vaste lasten en wat wordt daaronder verstaan? Geldt de Tozo-regeling ook voor de dga? En voor de dga met een spaarpot? 

Uitstel van betaling
Hoe werkt uitstel van betaling voor aangifte belastingen OB en LB? Voor wie geldt de mogelijkheid van uitstel van betaling? Wanneer moet de melding betalingsonmacht worden gedaan?

Eruit halen wat erin zit
Op bovengenoemde vragen – en nog meer vragen gebundeld per onderwerp – krijg je in dit e-magazine een antwoord. Staat jouw vraag er niet bij? Wil je meer weten over een van de steunmaatregelen? Neem dan vooral contact met ons op. Ook in deze tijd halen we er namelijk graag voor je uit wat erin zit.

02NOW

Geldt de NOW-regeling ook voor de dga? Wat is de positie van zorgverleners bij de aanmeldingsprocedure van de NOW? Worden debiteurenverliezen van de omzet afgetrokken? En wat zijn de gevolgen bij een rechtsvormwijziging? Op deze - en meer vragen - krijg je hieronder een antwoord.

GELDT DE NOW-REGELING OOK VOOR DE DGA?
Dit is niet het geval. De NOW-regeling geldt alleen voor de lonen van werknemers die sociaal verzekerd zijn. Dga’s die op grond van de regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder niet zijn verzekerd, krijgen van hun loonsom daarom geen tegemoetkoming. Bij verzekeringsplicht voor een werknemer met aandelen kan een beroep worden gedaan op de NOW.


AANMELDINGSPROCEDURE | POSITIE ZORGVERLENERS
Op de website van het UWV wordt gevraagd of zorgaanbieders ook in aanmerking komen voor de NOW-regeling? Het ministerie van VWS heeft met zorgverzekeraars en gemeenten afspraken gemaakt over de ondersteuning van zorgaanbieders tijdens de coronacrisis. Zorgaanbieders moeten zich voor ondersteuning in eerste instantie wenden tot de inkopers (van zorgverzekeraars en gemeenten) en met hen nagaan of zij steun kunnen krijgen. Als zorgaanbieders rekening houdend met deze ondersteuning voldoen aan de voorwaarden van de NOW-regeling, dan kunnen zij zich wenden tot het UWV om een aanvraag voor steun in te dienen.

Maar ook dat schept toch geen zekerheid?
Naar ons oordeel is de kern van het hier gestelde dat uitkeringen door de zorgverzekeraars meetellen als relevante omzet. Als de omzet inclusief deze aanvullende uitkeringen door zorgverzekeraars met ten minste 20% is gedaald, hebben ook zorgaanbieders recht op een NOW-uitkering.


LOONSOM EN GRONDSLAG SUBSIDIE | IN JANUARI VERLONING VAN OVERUREN UIT DECEMBER
In de regeling is opgenomen dat als de definitieve loonsom van maart, april en mei lager uitvalt dan die van januari de subsidie gekort wordt. Dit betekent dat voor elke euro minder loonkomsten er 0,90 cent gekort wordt. Aan de ene kant begrijpen wij de gedachte hierachter maar het gevolg is dat dit, ten onrechte, zeer nadelig kan uitpakken voor klanten. Vooral voor klanten in de detailhandel. Zo worden de overuren in de meeste gevallen de volgende maand verloond. Bijvoorbeeld een juwelierswinkel waarvan de overuren van december zijn verloond in januari.
Aangezien december de belangrijkste maand voor hen is, zijn de overuren deze maand ook het hoogst. Dit houdt in dat de loonsom van januari ruim 16% hoger is dan maart. Voor de maanden april en mei is de verwachting dat het verschil in loonsom nog meer zou zijn, rond de 20%.

Dit betekent dat de subsidie – wellicht onterecht – aanzienlijk wordt verlaagd en bij meer bedrijven speelt
Inderdaad zouden de in januari verloonde overuren die zijn gemaakt in december tot een relatief hogere loonsom over januari leiden en daarmee een vertekend beeld geven. De NOW-regeling voorziet hier niet in. De SRA – de netwerkorganisatie van 370 zelfstandige accountantskantoren met 900 vestigingen in Nederland, waarbij ook Confianza is aangesloten zal deze vraagstelling opnemen in de wensenlijst die periodiek wordt besproken met bijvoorbeeld MKB-Nederland en met kabinet en Kamerleden wordt gecommuniceerd. De vraag lijkt veel op de kwestie met betrekking tot in maart uitgefactureerde werkzaamheden over februari, waardoor de omzet maart relatief wat hoger is. Het kabinet is verzocht daar een oplossing voor te vinden.


WORDEN DEBITEURENVERLIEZEN AFGETROKKEN VAN DE OMZET?
Stel je hebt de komende periode € 40.000 op debiteuren moeten afboeken vanwege de huidige crisis (o.a. faillissementen). Deze debiteuren zijn in 2020 geboekt en dus ook als omzet verantwoord. Kan deze afboeking van debiteuren – gezien het omzetverlies – ten laste worden gebracht van de omzet (exclusief btw) of moet deze worden geboekt in de in- en verkoopkosten? De wijze van afboeken ten laste van de omzet heeft uiteraard gunstige gevolgen voor de berekening van het omzetverliespercentage voor de NOW-regeling.

Antwoord
Voor debiteuren die niet kunnen worden geïnd, wordt conform de verslaggevingsregels een voorziening gevormd (mits voldaan aan de voorwaarden). Deze voorziening rubriceer je onder de bedrijfslasten. Wanneer bijvoorbeeld goederen retour komen, wordt een creditfactuur ‘negatief’ onder de omzet verwerkt.


BEREKENEN OMZETVERLIES
Ondernemers kunnen gebruik maken van de NOW als er sprake is van omzetverlies. Het gaat om omzetdalingen vanaf 1 maart 2020. Je kan alleen gebruik maken van de NOW als het verwachte omzetverlies minimaal 20% bedraagt. De aanvraag geldt voor een periode van drie maanden die eenmalig met drie maanden kan worden verlengd. 

Op basis van de NOW krijgt men maximaal 90% van de loonsom vergoed. De vergoeding wordt berekend naar rato van het omzetverlies; bij een omzetverlies van 50% bedraagt de tegemoetkoming 45% van de loonsom. Er wordt dus niet beoordeeld op basis van de individuele werknemers, maar uitgegaan van het geheel.

Voorschot
Na de aanvraag verleent het UWV een voorschot van 80% van de te verwachten tegemoetkoming. Bij een verwacht omzetverlies van 50% bedraagt het voorschot dus 80% van 45% van de loonsom, ofwel 36% van de loonsom.

Het omzetverlies wordt berekend door de omzet over de gekozen meetperiode te vergelijken met de gemiddelde kwartaalomzet over 2019. Dit laatste is de uitkomst van de voorgeschreven berekeningsmethode die bestaat uit de omzet over 2019 gedeeld door 4. Als de werkgever op 1 januari 2019 nog niet bestond, wordt uitgegaan van de gerealiseerde omzet tot en met 28 februari 2020 gedeeld door het aantal maanden dat de werkgever bestond en dat wordt vermenigvuldigd met 3. Er wordt geen rekening gehouden met seizoensinvloeden. Wel is in een aangenomen amendement in de Tweede Kamer gevraagd om o.a. nog te kijken naar aanpassingen in verband met het factureringsmoment waar het de omzet in de gekozen meetperiode betreft.


GEVOLGEN RECHTSVORMWIJZIGING 
Loop je de NOW-tegemoetkoming mis als gevolg van een rechtsvormwijziging die in het eerste kwartaal van 2020 haar beslag heeft gekregen (doorgaans met terugwerkende kracht tot 1 januari 2019 of 1 januari 2020)?

Meestal gaat het bij een rechtsvormwijziging om een geruisloze inbreng van een IB-onderneming in een bv(-structuur) of een bedrijfsfusie (art. 14 Wet Vpb 1969). Het probleem daarbij is dat er geen referentieomzet in 2019 (of eventueel tot en met februari 2020) is en/of dat er geen SV-loonsom over januari 2020 of november 2019 is. Daardoor bestaat volgens de letters van de beleidsregeling geen recht op de NOW-regeling. 

Recente overgang
Deze lezing is bevestigd door het ministerie van SZW in vragen die door Fiscount (kennis- en adviescentrum voor de accountancybranche) zijn gesteld. Zij stelden de vraag of je gebruik kan maken van de NOW-regeling als er recent een overgang van onderneming of wijziging van de rechtsvorm heeft plaatsgevonden.

De omzet uit 2019 is namelijk niet aan de huidige onderneming toe te rekenen, zodat zich geen omzetdaling ten opzichte van 2019 zal hebben voorgedaan. Daarnaast zal deze onderneming mogelijk nog geen SV-loonsom over januari 2020 hebben. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft dit op 9 april 2020 bevestigd in antwoord op namens Fiscount op LinkedIn gestelde vragen. Dat je arbeidsrechtelijk alle rechten en verplichtingen ten aanzien van de werknemers een-op-een hebt overgenomen, doet daar niets aan af.
 
Helpen van ondernemers
Dit werkt zeer onbevredigend uit en doet geen recht aan de uitgangspunten van de regeling, namelijk om zoveel mogelijk ondernemers die zijn getroffen door de coronacrisis te helpen. Het andere uitgangspunt van de NOW, namelijk een eenvoudig uitvoerbare en robuuste regeling, wordt geen geweld aangedaan als de NOW toepasselijk wordt verklaard ingeval van een overgang van onderneming. Immers, er kan dan een-op-een worden aangesloten bij de referentieomzet en de loonsom van de voorafgaande onderneming.
 
Onduidelijk
Het een en ander klemt des te meer omdat tot de ochtend van 31 maart niet duidelijk was welke voorwaarden zouden worden verbonden aan de NOW-regeling. Rekening houdend met de 15-maandstermijn uit de geruisloze inbreng was voor die ondernemers 31 maart een fatale datum voor terugwerkende kracht naar 1 januari 2019. Vele inbrengen hebben hun beslag gekregen in maart 2020. Zouden die ondernemers hebben geweten van deze voorwaarde, dan zouden ze de inbreng niet hebben doorgezet.
 
Antwoord
Om te beginnen moeten wij vaststellen dat in de officiële publicaties onduidelijk is hoe met deze situaties moet worden omgegaan. Voor zover bekend is in kamerstukken nog niet op deze kwestie ingegaan.

Ons lijkt dat:

  1. bij een geruisloze inbreng met als overgangstijdstip 1 januari 2019 en oprichting van de bv per uiterlijk 31 maart 2020 de bv als zodanig wel omzet heeft over 2019. Op grond van de intentieovereenkomst, bekrachtiging bij oprichting en uiteraard de notariële akte komt de winst 2019 ook toe aan de bv. Vervolgens komt ondernemingsrechtelijk die winst over 2019 tot uitdrukking in het korte boekjaar 2020 of in het lange eerste boekjaar 2020/2021. Inderdaad is hiervoor geen oplossing benoemd, zoals dat overigens in de kern geldt voor alle situaties van overgang of overdracht van een onderneming. Wij vermoeden dat een nadere duiding zal volgen, ook omdat deze situaties steeds vaker aan de orde worden gesteld;
  2. het daadwerkelijke probleem hier uiteraard de terechte opmerking is dat de bv bij oprichting na 1 februari 2020 geen loonsom heeft over januari 2020 en evenmin over november 2019. Dan kom je dus bij gebrek aan een loonsom inderdaad niet toe aan een loonkostensubsidie volgens de NOW. Dat is vervelend omdat de loonkosten over januari op grond van de voorovereenkomst wel voor rekening van de bv komen en uiteraard de loonkosten over maart tot en met mei ook. Hopelijk wordt hiervoor Wij hopen dat een tegemoetkoming gecreëerd.

VERPLICHTING SUBSIDIE TE GEBRUIKEN VOOR BETALING VAN DE LOONSOM
In artikel 13 lid c van de NOW-regeling is opgenomen dat de werkgever verplicht is de subsidie uitsluitend te gebruiken voor de betaling van loonkosten. Mogen dit ook loonkosten zijn uit voorgaande perioden? Stel dat je nog loonheffingen uit eerdere perioden hebt openstaan, mag je daar de NOW voor gebruiken? 

Antwoord
Zowel de toelichting als de tekst van artikel 13 van de NOW-regeling geven daarop geen antwoord. Ons lijkt dit geen probleem.

03TOGS

TOGS
Heb je recht op TOGS met meerdere ondernemingen? Is er al meer duidelijkheid over de voorwaarde van een fysieke inrichting buiten de eigen woning? Hoe zit het met de vaste lasten en wat wordt daaronder verstaan? Je leest het hieronder.

RECHT OP TOGS MET MEERDERE ONDERNEMINGEN
Logischerwijs zouden ondernemers die meerdere ondernemingen hebben en dus in meervoud tegen de vaste lasten van € 4.000 aanlopen, meerdere keren recht op TOGS moeten hebben. Wat is hiermee de ervaring?

Antwoord
Zoals wij de regeling lezen/begrijpen, bestaat inderdaad per onderneming recht op de € 4.000, mits per onderneming aan de voorwaarden wordt voldaan (o.a. SBI-code, inschrijving KvK, omzetterugval en vaste lasten tenminste € 4.000). Let op: nevenvestigingen van dezelfde onderneming gelden echter weer niet als afzonderlijke onderneming voor de regeling.


IS ER AL MEER DUIDELIJKHEID OVER DE VOORWAARDE VAN EEN FYSIEKE INRICHTING BUITEN DE EIGEN WONING?
Voor de TOGS-regeling geldt een voorwaarde voor de vestiging. Die verschilt tussen horeca- en andere ondernemingen

Onderneming niet zijnde horeca
Art. 1 van de Beleidsregel nr. WJZ/20077977 stelt onder meer als voorwaarde dat de onderneming ten minste één vestiging heeft met een ander adres dan het privéadres van de eigenaar of eigenaren van de onderneming. Dit moet blijken uit de inschrijving in het handelsregister zoals die op 15 maart 2020 was. Inmiddels is dit aangepast. Voor de navolgende voorbeelden leidt dat naar ons oordeel tot de volgende conclusie:

  • Een sport- en fitnesscoach heeft een aanbouw aan de woning met eigen ingang: is dit wel of geen fysieke inrichting buiten de eigen woning?
    Als deze aanbouw geen eigen adres heeft, vormt dit geen afzonderlijke vestiging en is er geen recht op de tegemoetkoming, tenzij uit een verklaring volgt dat sprake is van omvangrijke activiteiten.
  • Een kermisexploitant met een losstaande loods voor kermisattracties/auto’s: is dit wel of geen fysieke inrichting buiten de eigen woning?
    Hier is wel sprake van recht op tegemoetkoming, omdat sprake is van fysieke productiemiddelen buiten de woning. 
  • Een kermisexploitant heeft in de regel geen fysieke inrichting, wel mobiele kermisattracties. Heeft hij wel of geen recht op TOGS (omzet is uiteraard nihil)?
    Zie voorgaand punt.
  • Heeft een kapster met een kapsalon aan huis in een verbouwde garage recht op TOGS?
    Ja, mits een verklaring wordt overlegd waaruit blijkt dat sprake is van omvangrijke activiteiten. 

Onderneming in de horeca
Voor ondernemers in de horeca geldt dat zij geen afzonderlijke vestiging naast het privéadres hoeven te hebben. 

Aanvulling
Inmiddels is duidelijk geworden dat ook ondernemers met slechts een vestiging op het woonadres van de regeling gebruik kunnen maken. Dit is mogelijk als de werkzaamheden omvangrijk zijn, hetgeen uit een verklaring moet blijken. Een andere mogelijkheid is dat sprake is van fysieke bedrijfsmiddelen of een fysieke bedrijfsinrichting elders.


BEDRIJFSKOSTEN EN FINANCIERINGSLASTEN
Er bestaan vragen over de door de overheid bedoelde invulling van het begrip vaste lasten. Wij denken dat dit gaat om de overige bedrijfskosten en financieringslasten (voor zover niet opgeschort onder de noodmaatregelen). Derhalve aansluitend bij de indeling van de V&W, aangepast voor de kosten die wegvallen door de bedrijfsstilstand.
 
Afschrijvingen
Afschrijvingen leiden op dit moment ook niet tot een uitgaande geldstroom. Maar veel activa moeten wel periodiek worden vervangen. Desondanks lijkt het ons niet dat deze kosten als vaste lasten worden gezien.
 
Aflossingen
Afspraken over aflossingen (niet aan instellingen die onder het noodpakket vallen) van schulden en leverancierskrediet zijn voor ondernemers ‘vaste lasten’, maar zullen waarschijnlijk niet onder het begrip vaste lasten vallen zoals genoemd in de regeling.

De SRA (netwerkorganisatie van 370 zelfstandige accountantskantoren, waarbij wij zijn aangesloten) deelt het standpunt dat afschrijvingen (vermoedelijk) niet onder de vaste lasten vallen. Aflossingsverplichtingen en rentelasten vallen daar mogelijk wel onder, omdat die wel degelijk een cash-out opleveren. Zekerheid daarover is er (nog) niet. Mogelijk heeft men slechts het oog op de daadwerkelijke cash-out van kosten.


WAT WORDT VERSTAAN ONDER VASTE LASTEN?
Met name in een situatie waar alleen de dga en zijn vrouw op de loonlijst staan en er geen huur wordt betaald maar de ondernemer wel in de groep valt die in beginsel aanspraak zou kunnen maken. Kan deze dga toch de aanvraag indienen omdat voor hem de vaste lasten in dit geval de loonkosten zijn? NOW kan namelijk niet voor dit bedrijf. Kan aangeven worden wat er onder vaste lasten wordt verstaan? Huur, verzekeringen etc.?

De indruk is dat het gaat om tot de kosten behorende daadwerkelijke uitgaven.

04Tozo

Geldt de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers ook voor de dga? En hoe zit het met deze regeling als de dga een spaarpot heeft? Dit – en meer – lees je op deze pagina van ons e-magazine over veelgestelde vragen rondom corona. 

Let op: De AMvB (algemene maatregel van bestuur) inhoudende de Tozo is nog niet verschenen. Het onderstaande is derhalve gebaseerd op de Bbz (Besluit bijstandsverlening zelfstandigen) en over de Tozo verschenen informatie.

GELDT DE TOZO-REGELING VOOR DE DGA?
De Tozo-regeling geldt alleen voor dga’s die aan de nadere voorwaarden voldoen. Dat betekent dat zij de meerderheid van de zeggenschap moeten hebben en moeten verklaren dat er onvoldoende middelen zijn om het salaris te kunnen betalen. Tot slot moet aan het urencriterium worden voldaan. De AMvB met daarin de voorwaarden van de Tozo-regeling is nog niet verschenen en wij verwachten daarna meer duidelijkheid over de precieze voorwaarden.


GELDT DE TOZO-REGELING VOOR DE DGA MET EEN SPAARPOTJE?
Staatssecretaris Van Ark heeft in haar antwoord op een groot aantal Kamervragen over de Tozo onder meer het volgende geschreven:

‘De leden van de D66-fractie vragen op welke manier wordt omgegaan met dga’s die ondernemingsvermogen hebben in hun bv en op welke manier wordt getoetst of een dga voldoende middelen heeft om zichzelf komende maanden een salaris uit te keren. 
De dga moet evenals andere zelfstandigen voldoen aan de voorwaarden die in de Tozo worden gesteld. Het ondernemingsvermogen wordt daarbij vrijgelaten in de Tozo. De dga die een beroep wil doen op de Tozo moet verklaren dat er als gevolg van de coronacrisis inkomensdaling is waardoor zijn/haar inkomen tot onder sociaal bijstandsniveau is gedaald. Specifiek van belang voor de dga is bovendien dat de dga moet verklaren dat hij, alleen of samen met andere in de bv werkzame personen meer dan 50% van de aandelen heeft. Daarnaast heeft de dga evenals andere zelfstandigen die gebruik maken van de Tozo de plicht om uit eigen beweging inlichtingen te verstrekken die relevant zijn voor het recht op en de hoogte van de bijstand.’

Hieruit lijkt te volgen dat bijvoorbeeld ook een dga met een spaarpotje in zijn bv voor zijn oude dag in aanmerking kan komen voor de Tozo als de inkomstenstroom binnen de bv is gestopt.

Antwoord
Inderdaad lijkt dit antwoord te impliceren dat de dga ook met een eigen spaarpotje recht heeft op een Tozo-uitkering. Dat lijkt ons evenwel een onvolledig antwoord, omdat wel degelijk eisen worden gesteld aan de mate waarin de dga in staat is tot loonbetaling aan zichzelf. Wij nemen aan dat de AMvB die nog niet is gepubliceerd hierover meer duidelijkheid zal geven.


TOEPASSING TOZO VOOR DGA, VERKLARING OMTRENT LIQUIDITEIT
De dga die volledige zeggenschap heeft en voldoet aan het urencriterium komt ook in aanmerking voor de Tozo. In de brief van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 27 maart 2020 staat het volgende: ‘Ook dient de dga naar waarheid te verklaren en aannemelijk te maken dat zijn/haar bv nu geen salaris kan uitbetalen.’ Wat nu als de bv van de dga geen opbrengsten meer heeft, maar wel nog vermogend is? Enerzijds kan er geen salaris meer worden betaald omdat de bv geen opbrengsten (bij een personal holding geen management fee) meer ontvangt, anderzijds is de bv wel in staat salaris te betalen uit haar vermogen (maar de IB-ondernemer hoeft niet naar zijn vermogen te kijken). 

  • Hoe kan en mag je met deze situatie omgaan? 
  • Kan en mag deze ondernemer een beroep doe op de Tozo?
  • Een minderheidsaandeelhouder kan geen gebruik maken van de Tozo. Kan voor een minderheidsaandeelhouder die verzekeringsplichtig is voor de werknemersverzekeringen wel de NOW worden benut? En is verzekeringsplicht dan een vereiste? 
  • Er zijn ook situaties waarbij er bijvoorbeeld vijf aandeelhouders in ongelijke verhoudingen zijn. Verwijzend naar voetnoot 3 uit de Kamerbrief: ‘Werkenden met een zogenoemde fictieve dienstbetrekking vallen daarmee wel onder de reikwijdte van de regeling, niet-verzekerde en vrijwillig verzekerde dga’s niet.’

Antwoord
Het kabinet roept een ieder op om alleen van de regeling gebruik te maken als daar behoefte aan bestaat. Als blijkt dat regelingen ook worden aangewend in gevallen waarvoor de regelingen niet zijn bedoeld, kan aanpassing plaatsvinden van de regeling. In ernstige gevallen kan zelfs aangifte worden gedaan van een strafbaar feit. 

Integer
In de hierboven genoemde omstandigheden, waarin kennelijk geen sprake is van een te verwacht liquiditeitstekort, menen wij dan ook dat de ondernemer integer handelt door geen subsidie aan te vragen. Wij zijn vanuit de beroepsregelgeving gehouden aan integer handelen en adviseren klanten alleen van regelingen gebruik te maken waarvoor deze zijn bedoeld.

Aandelen
Om voor de tegemoetkoming in aanmerking te komen, moet de dga inderdaad de meerderheid van de aandelen bezitten. De afwezigheid van verzekeringsplicht wordt niet als zelfstandig aanvullend criterium gesteld. Bij dga’s met een minderheidsbelang kan geen gebruik worden gemaakt van de Tozo, ook niet als de dga’s wel verzekerd zijn voor de sociale verzekeringen.
 

05Uitstel van betaling

Hoe werkt uitstel van betaling voor aangifte belastingen OB en LB? Voor wie geldt de mogelijkheid van uitstel van betaling? Wanneer moet de melding betalingsonmacht worden gedaan? Nieuwsgierig? Lees dan snel verder.

HOE WERKT UITSTEL VAN BETALING VOOR DE AANGIFTEBELASTINGEN OB EN LB?
Uitstel van betaling kan worden aangevraagd nadat een naheffingsaanslag is opgelegd. Je zou daarom geen uitstel kunnen aanvragen voor ingediende aangiften onder verwijzing naar een aangiftenummer. Als evenwel uitstel wordt gevraagd voor een aanslag, wordt tevens automatisch uitstel van betaling verleend voor alle in de driemaandsperiode opgelegde aanslagen, waaronder de eventuele naheffingsaanslagen. Als voor de aangiftebelastingen een naheffingsaanslag wordt opgelegd, zal daarbij overigens geen verzuimboete worden opgelegd wegens te late betaling als om uitstel is verzocht. Het is echter onduidelijk of die boete in alle gevallen achterwege blijft, of alleen in de gevallen waarin naderhand wordt verzocht om uitstel.


VOOR WIE GELDT DE MOGELIJKHEID VAN UITSTEL VAN BETALING?
Alle teksten spreken over ondernemers. Of een dga voor zijn aanslag IB ook uitstel kan aanvragen, is onduidelijk. Waarschijnlijk valt de dga voor deze regeling niet onder het begrip ondernemer. Wij vermoeden dat belastingplichtigen met overige werkzaamheden in die zin evenmin ondernemer zijn.
Als uitstel van betaling is verzocht, stoppen de invorderingsmaatregelen. Vermoedelijk zal ook de automatische incasso worden stopgezet.


ANDERE OORZAAK
Stel dat je als ondernemer niet in de financiële problemen bent geraakt door het coronavirus maar om andere redenen. Geldt de versoepeling ook voor jou of gelden hiervoor de normale voorwaarden?

Antwoord
Uitstel van betaling was bedoeld voor gevallen waarin liquiditeitsproblemen zijn ontstaan door de gevolgen van de coronacrisis. Bij uitstel voor de duur van drie maanden worden inmiddels geen nadere voorwaarden meer gesteld. Uitstel is op basis van de nu voorliggende teksten ook mogelijk als er andere oorzaken zijn.


WANNEER MOET DE MELDING BETALINGSONMACHT WORDEN GEDAAN?
Het verzoek om uitstel van betaling voor de op de aanslag verschuldigde belasting is geen melding betalingsonmacht die de bestuurder van een rechtspersoon moet doen om persoonlijke hoofdelijke aansprakelijkheid voor de loonheffing en omzetbelasting te voorkomen. Deze melding betalingsonmacht moet, als je verwacht dat die belastingen niet betaald kunnen worden, dus ook worden gedaan. Echter, inmiddels is bepaald dat een verzoek om uitstel van betaling voor de diverse belastingwetten tevens wordt aangemerkt als een melding betalingsonmacht. Dat geldt echter niet voor verschuldigde pensioenpremies.

Wettelijke grondslag
De wettelijke grondslag voor de melding betalingsonmacht is als volgt. De melding betalingsonmacht moet op grond van art. 7 Uitv.Besl. Invorderingswet 1990 worden gedaan uiterlijk twee weken na de termijn waarop de belasting moest worden afgedragen of voldaan. Op grond van art. 7 lid 2 van het Uitv.Besl Invorderingswet 1990 kan dit verzoek voor naheffingsaanslagen nog uiterlijk twee weken na de vervaldag van die naheffingsaanslag worden gedaan. Die mogelijkheid geldt echter alleen als er géén sprake is van opzet of grove schuld.

Confianza Magazine

01 Voorwoord

02 NOW

03 TOGS

04 Tozo

05 Uitstel van betaling

Bel: 071-4076380 of info@confianza.nl
Dune Pebbler
|
Privacy regeling